Kwaliteitszorg in het onderwijs


Kwaliteitszorg in het onderwijs is erg belangrijk. Veel scholen hebben het dan ook hoog in het vaandel staan. Tegelijkertijd merken we ook dat het vaak niet goed uit de verf komt. We helpen u graag met onze expertise van onderzoek en kennis van organisatieontwikkeling.
 
 
Het bedrijfsproces van het onderwijs

Het primaire (bedrijfs)proces in het onderwijs is de interactie tussen de docenten en de leerlingen. Het ‘product’ dat scholen leveren is te formuleren als: het meegeven van kennis en vaardigheden om (beter) te kunnen functioneren in de samenleving.
 
De school moet ook rekening houden met secundaire processen, die samengaan met bekangengroepen. Ook de ouders hebben inbreng, de onderwijsinspectie, de vervolgscholen, de toeleveringsscholen en daarnaast zijn nog talloze andere groeperingen aan te wijzen.
 
 
Kwaliteitsbeleid
 
In het kader van kwaliteitsbeleid is het zaak om de term kwaliteit goed te definiëren. Kwaliteit kan worden omschreven als het voldaan hebben aan de minimale eisen. Voor het onderwijs zijn dat vaak de eisen die door de overheid aan onderwijsinstellingen worden opgelegd.
 
In de tweede opvatting wordt kwaliteit als goed (genoeg) omschreven als de afnemers tevreden zijn met het geleverde (bij een bepaalde prijs/kwaliteitsverhouding). Nu zijn het de belangengroepen die de kwaliteitseisen bepalen.
 
De diverse belangengroepen kunnen uiteenlopende soms zelfs tegenstrijdige kwaliteitseisen formuleren. Voor de leerling is dat hij/zij na beëindiging van de school voldoende kwalificaties heeft om in de maatschappij te functioneren dan wel om verder te leren, en dat hij/zij met plezier naar school gaat. Ouders hebben ongeveer dezelfde eisen, vaak aangevuld met ‘goed en tijdig op de hoogte worden gebracht’. Toekomstige werkgevers hebben soms alleen oog voor specifieke kennis (zoals het kunnen omgaan met een bepaald apparaat). Dit zijn de eisen die gesteld worden door externe belangengroepen. Ook intern kunnen er kwaliteitseisen worden opgesteld. Docenten vinden dat bepaalde hulpmiddelen aanwezig zouden moeten zijn. Directies die vinden dat er op een bepaalde manier les moet worden gegeven (wel of niet competentgericht onderwijs, daltononderwijs, montessorionderwijs). En voor het leerklimaat op school kunnen er eisen worden geformuleerd vanuit de leerling, de ouders, de directie, de docenten.
 
Het is erg waarschijnlijk dat er tussen de belangengroepen verschillende eisen worden geformuleerd. Dat kan soms botsen. Een verschil in doelstelling / eis wordt een kloof genoemd, of in het Engels een ‘gap’. Is er een groot verschil tussen de kwaliteitseisen van partijen dan wordt de kwaliteit als onvoldoende beoordeeld. In dat geval moet geprobeerd worden de kloof te dichten.
 
 
Het nut van onderzoek
 
Het is noodzakelijk om een kloof regelmatig te onderzoeken. Dat kan op veel manieren. Er kunnen individuele gesprekken worden gevoerd, maar er kan ook een vragenlijst per post worden verzonden of online worden afgenomen. Het resultaat van het onderzoek moet zijn dat het de twee gezichtspunten met elkaar vergelijkt. De verschillen kunnen groot, matig of klein zijn. Hiermee is de diepte van de kloof in kaart gebracht.
 
Nu pas begint het werk waar het eigenlijk allemaal om te doen is: hoe is een eventuele kloof te dichten / te versmallen / te overbruggen. Het onderzoek levert een bijdrage: het levert de stof op om te discussiëren over het verkleinen van de kloof. Moet een kloof gedicht worden, hoe gaan we dat doen en op welke termijn gaan we dat doen? Nadrukkelijk is er sprake van we. De kloof moet door beide partijen worden gedicht.
 
 
Wat kan BMOOO voor u doen?
 
Wij zijn primair een onderzoeksbureau. Dat houdt in dat wij de gegevens voor u kunnen verzamelen. Daarvoor maken we gebruik van objectieve meetinstrumenten die speciaal voor uw school in uw specifieke situatie worden ontwikkeld. De manier waarop we de gegevens verzamelen, kunnen we zowel schriftelijk, online (via internet) of via persoonlijke interviews doen. U krijgt van ons een netjes uitgewerkt rapport met overzichtelijke tabellen, een interpretatie van de uitkomsten en een advies om aan bepaalde kloven wat te gaan doen (of juist niet natuurlijk).
 
Het laten bezorgen van een verslag stemt ons niet erg gerust. Begrijpt men de resultaten? Wordt er wel wat mee gedaan? Als er niks mee gedaan wordt, is het onderzoek voor niets geweest. Dat is zonde van het geld. We komen daarom ook nog eens de resultaten toelichten waarbij beide partijen aanwezig zijn. Dat leidt tot een discussie, een begin van een aanzet voor verandering (of juist tot behoud). We treden dan op als onafhankelijke discussieleider om de argumenten van de beide partijen met de onderzoeksresultaten te ondersteunen.
 
Daarna moet de school zelf aan de slag. Er moet een beleid worden opgesteld en uitgevoerd. Het eerste deel van de plan-do-act-control cyclus.
 
Na enige tijd komen wij weer in beeld. Om na te gaan of het beleid effect heeft gehad moet een nieuw onderzoek worden verricht. Bij voorkeur gebruiken we dan precies dezelfde instrumenten, zodat na is te gaan of de kloof nu minder diep is geworden, of overbrugd is. Opnieuw geven we aan hoe diep de kloven zijn, wat er aan gedaan kan worden. Deze cyclus kan zo een aantal jaren doorgaan totdat er niets meer te verbeteren valt.
 
Het resultaat van die inspanning is:
- leerlingen gaan met (meer) plezier naar school
- docenten gaan met (meer) plezier naar hun werk
- directieleden kunnen duidelijker sturen in de organisatie
- werkgevers zijn (meer) tevreden met de leerlingen die van deze school komen
- vervolgscholen zijn (meer) tevreden met de voorkennis van leerlingen van deze school
- ouders zijn (meer) tevreden omdat hun kind goede leerresultaten haalt
 
 
Heeft u interesse gekregen? Neem dan geheel vrijblijvend contact met ons op.

Copyright © BMOOO.nl. Website door ABConverse.