Kwantitatief onderzoek

 
Kwantitatief onderzoek is onderzoek waar veel mensen, dieren of dingen aan deelnemen en waarbij de gegevens bij voorkeur met statistische methoden worden geanalyseerd.

Terug naar woordenboek onderzoek methodologie en statistiekTerug naar woordenlijst

Onderzoekingen kunnen ingedeeld worden naar het aantal onderzoekseenheden dat aan het onderzoek deelnemen. (De term onderzoekseenheid verwijst naar objecten, planten, dieren, mensen, respondenten, proefpersonen of elke andere willekeurige aanduiding van het aantal elementen dat aan het onderzoek deelneemt.) In het minimale geval is het aantal onderzoekseenheden één. In dat geval spreken we van een casestudie. Zijn de aantallen onderzoekseenheden beperkt (zeg minder dan 30 per categorie) dan spreken we van kwalitatief onderzoek. Nemen meer onderzoekseenheden aan het onderzoek deel dan spreken we van kwantitatief onderzoek.
 
Het onderscheid tussen kwalitatief en kwantitatief onderzoek is op 30 onderzoekseenheden per categorie gesteld. Met een categorie wordt een onderzoeksgroep, een -cohort bedoeld. De reden hiervoor is dat bij kwantitatief onderzoek de gegevens gecodeerd worden zodat ze gemakkelijker zijn te verwerken. Door daarvoor cijfers te nemen, kan men statistische analyses op de gegevens uitvoeren. Veel statistische analyses stellen als voorwaarde dat de variabele verondersteld wordt normaalverdeeld te zijn. Van deze veronderstelling kan men zeker uitgaan als er 30 of meer onderzoekseenheden in een categorie zitten. Zijn er minder dan 30 onderzoekseenheden in een categorie, dan moet eerst getoetst worden of aan de eis van normaalverdeeld zijn wordt voldaan: de kurtosis en de scheefheid mogen niet significant afwijken. Als men de eis van 30 onderzoekseenheden niet als een harde eis stelt, is het onderscheid tussen kwalitatief en kwantitatief onderzoek glijdend.
 
De traditionele opvatting over het onderscheid tussen kwalitatief en kwantitatief onderzoek is dat er een verschil in methodisch werken is. De manier van werken hangt evenwel sterk samen met het aantal eenheden dat aan het onderzoek deelneemt. Ook de doelstelling wordt wel eens genoemd als het bepalende onderscheid. Dit standpunt is echter niet houdbaar.
 
Voor het verzamelen van de gegevens maakt men bij kwantitatief onderzoek vaak gebruik van een enquête of een vragenlijst. Men maakt dan noodgedwongen vaak gebruik van een vorm van schriftelijk onderzoek, telefonisch onderzoek of zet de vragenlijst online. Deze onderzoeksmethode is evenwel alleen te gebruiken als het gaat om mensen. Voor het bestuderen van planten, dieren en objecten heeft men andere meetinstrumenten nodig.
 
 
Wat betreft het onderscheid tussen kwalitatief en kwantitatief moeten nog enkele aanvullende opmerkingen worden gemaakt die voortkomen uit hardnekkige misverstanden over dit onderscheid.
 
Ten eerste: de meest basale fout die men kan maken is dat men denkt met een kwantitatief onderzoek te maken te hebben als er een getal is vastgesteld. Voor eens en voor altijd: een getal is een kwantitatief gegeven (methodologisch gezien zelfs een kwalitatief gegeven) en is op geen enkele manier indicatief voor kwantitatief onderzoek.
 
Ten tweede: men stelt vaak dat het in een kwalitatief onderzoek (inclusief de casestudie) gaat om vele te onderzoeken variabelen en dat dit in een kwantitatief onderzoek niet goed mogelijk is. Dat is onzin. Ook in kwantitatief onderzoek komt het regelmatig voor dat er veel variabelen tegelijkertijd worden geanalyseerd. Er is in kwantitatief onderzoek geen bovenlimiet te geven voor het aantal onderzoeksvariabelen.
 
Ten derde: ter onderscheiding benadrukken velen dat in een kwalitatief onderzoek open vragen aan de respondenten kunnen worden gesteld terwijl dit in een kwantitatief onderzoek niet mogelijk is. Fout. Ook in kwantitatief onderzoek is het heel goed mogelijk om open vragen op te nemen. Het is alleen ondoenlijk om uit die antwoorden (zeker als er heel veel respondenten zijn) een conclusie te trekken. Daarom gaat de onderzoeker er al vlug toe over antwoordcategorieën op te stellen en die aan de respondent voor te leggen.
 
Ten vierde: met kwalitatief onderzoek kun je dieper op de materie ingaan dan met kwantitatief onderzoek mogelijk is. Ook dit is ten principale uiteindelijk niet houdbaar. Omdat het in beginsel mogelijk is zowel in een kwalitatief als in een kwantitatief onderzoek dezelfde vragen te kunnen stellen, is dezelfde diepgang te bereiken.
 
Ten vijfde: kwalitatief onderzoek gebruikt men voor andere doeleinden dan voor kwantitatief onderzoek. Dat klopt: kwalitatief onderzoek wordt vaker gebruikt voor exploratie van het onderzoeksonderwerp; kwantitatief onderzoek leent zich daar minder voor. Maar er is ook exploratief kwantitatief onderzoek mogelijk. Er is dus wel enige contaminatie, maar het is niet strikt onderscheidend.
      Bij kwalitatief onderzoek gaat de onderzoeker gewapend met pen en papier (soms met geluids- en/of beeldopnameapparatuur) op pad. Het doel is meestal om een deskundige te raadplegen, of te laten vertellen over het onderzoeksonderwerp. Dit soort onderzoek levert heel andere informatie op en is om die reden heel goed bruikbaar.
 
Een andere reden waardoor een onderzoek kwalitatief van aard wordt in plaats van kwantitatief, is dat er te weinig onderzoekseenheden zijn. Het aantal staalfabrieken in Nederland is bijvoorbeeld te beperkt om tot meer dan 30 onderzoekseenheden te komen. In deze situatie is de onderzoeker gedwongen een kwalitatief onderzoek uit te voeren.
 
© Foeke van der Zee / BMOOO - Woordenboek onderzoek, methodologie en statistiek
 


Zie ook:
- onderzoekskubus
- casestudie
- kwalitatief onderzoek
- kwalitatieve en kwantitatieve gegevens